Ze vroeg me of het ok was,
ik knikte en ging recht staan.
Ze ging op de stoel zitten.
Ze maakte zich klaar.
Eindelijk,
ze stond oog in oog met haar geliefde,
ik stond erbij en genoot van haar aanwezigheid.
Niet weggaan, fluisterde ik.
voor Merel,
z' is een engel.